Albany, gesticht in 1826, was de eerste Europese nederzetting in Westelijk Australië en groeide snel uit tot een bruisend commercieel knooppunt. Zijn historische hart bezit een zekere vergane glorie, terwijl de moderne waterkant een belangrijke renovatie ondergaat. De meest opvallende karakteristieken van het gebied stammen echter uit de tijd voor de oorspronkelijke nederzetting. Zijn natuurwonderen bevatten een imponerende kustlijn die zich uitstrekt van de majestueuze kliffen van Torndirrup Nationaal Park tot de rustige baai bij King George Sound. In het binnenland bereiken de pieken van de Stirling Range hoogten van meer dan 1000 meter (3280 voet) en bieden mogelijkheden voor dagwandelingen met adembenemende uitzichten.
In de 19e eeuw speelde Albany een belangrijke rol als centrum van de scheepvaart tussen Groot-Brittannië en zijn Australische kolonies, omdat het lang de enige diepwaterhaven op het continent was. Het was via Albany dat ongeveer 40.000 Anzac-troepen naar Europa vertrokken, een gebeurtenis die tot en met 2018 wordt erkend met een reeks evenementen ter herinnering aan het einde van de Eerste Wereldoorlog honderd jaar geleden.
Het walvisvangststation hier, dat pas in 1978 zijn activiteiten heeft stopgezet, is omgebouwd tot een fascinerend museum over de geschiedenis van de industrie. Het onderscheidt zich omdat het de laatste basis in bedrijf was op zowel het zuidelijke halfrond als in de Engelstalige wereld. Hier blijven bultruggen, zuidkapers en blauwe vinvissen achtervolgd worden, maar nu door nieuwsgierige kijkers op walvisspotcruises tijdens het jaarlijkse walvisseizoen van juni t/m oktober.
Vandaag de dag verdient “Amazing Albany” het bijvoeglijk naamwoord dat de stad zichzelf heeft gegeven, omdat het reizigers aantrekt die een onverwacht en geweldig deel van Australië willen verkennen.