Cádiz, aan de zuidwestkant van Spanje, is een van de regionale hoofdsteden van Andalusië en een plek vol karakter. Europa’s oudste permanent bewoonde stad, met een geschiedenis die 3000 jaar teruggaat, beleefde de laatste jaren moeilijke tijden. Maar met een combinatie van trots, goede humor en stoïcisme behoudt men er een rechte koers. Het beroemde Carnival, een van Spanje’s belangrijkste in het genre, is een opwindend fiesta waarin Cádiz alle energie en vindingrijkheid stopt.
De koosnaam van de stad, la tacita de plata (“kleine zilveren beker”), zinspeelt op de merkwaardige geografische ligging. De stad steekt uit op een lang schiereiland in een beschutte baai. De oude stad van Cádiz is een wirwar van straatjes met kasseien waarin de huizen wit of stoffig oker geschilderd zijn en de verweerde uitstraling hebben van een plek die eeuwen wind en zout te verduren had. Deze oude stad heeft van alles wat belangrijk is één goed voorbeeld: een grote markt voor levensmiddelen, een theater (het Teatro Falla, een groots Art Nouveau Moorse juweeltje), een prachtige kathedraal, indrukwekkende vestingwerken en een strand - het pittoreske en beroemde La Caleta.